
bedieningssensors aan om de warmte-
instelling in te stellen of te wijzigen.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u
aan. De kookzones werken
onafhankelijk.
De boosterfunctie gebruiken
De boosterfunctie maakt extra vermogen
beschikbaar voor de inductiekookzones.
Raak aan om de functie in te schakelen
en een gaat aan op de display. Na
maximaal 10 minuten schakelen de
inductiekookzones automatisch terug naar
het kookniveau .
Vermogensbeheer
Het vermogensbeheer verdeelt het
maximaal beschikbare vermogen tussen
twee kookzones die als een paar
samenwerken (zie afbeelding). De
Vermogensfunctie kan ertoe leiden dat het
maximaal beschikbare vermogen voor een
paar wordt overschreden. In dit geval zal
de tweede kookzone automatisch naar een
lager vermogensniveau verminderd
worden. De display voor de gereduceerde
kookzone wisselt tussen het geselecteerde
en maximale beschikbare vermogen.
De timer gebruiken
Raak herhaaldelijk aan totdat het
controlelampje van de gewenste kookzone
aan gaat. Bijvoorbeeld voor de
voorste linkerkookplaat.
Raak de toetsen of van de Timer aan
om de tijd in te stellen tussen 00 en 99
minuten. Als het controlelampje minder snel
knippert, telt de tijd af. Stel de kookstanden
in.
Als de kookstand is ingesteld en de tijd is
verstreken, klinkt er een geluidssignaal,
knippert 00 en wordt de kookzone
uitgeschakeld. Als de kookzone niet in
gebruik is en de ingestelde tijd is
verstreken, klinkt een geluidssignaal en
begint 00 te knipperen.
Selecteer
voor een kookzone om de
functie uit te schakelen. Het controlelampje
van de geselecteerde kookzone knippert nu
sneller. Raak de toets aan en de
overgebleven tijd telt terug naar 00. Het
controlelampje dooft.
STOP+GO
De functie stelt alle kookzones in voor de
laagste kookstand . Als de functie loopt,
kunt u de warmte-instelling niet wijzigen.
De functie stopt de timerfunctie niet.
• Voor het inschakelen van deze functie
raakt u
aan. Het symbool gaat
branden.
NEDERLANDS
30
Commenti su questo manuale